Kun je het hart van witlof eten?
Het korte antwoord is volmondig: ja. Je kunt het hart van de witlof prima eten. Sterker nog, door het steevast weg te snijden gooi je een smaakvol en knapperig deel van de groente onnodig in de prullenbak.
De gewoonte om de harde kern te verwijderen stamt uit vervlogen tijden en is inmiddels wat achterhaald. Vroeger, toen witlof uitsluitend in de volle grond werd geteeld en bepaalde rassen werden gebruikt, was de smaak aanzienlijk bitterder. Die bitterstoffen concentreerden zich met name in het hart en de basis van de stronk. Om de groente smakelijk te houden voor het hele gezin, werd de kegelvormige kern er toen standaard uitgesneden.
Tegenwoordig is de situatie in de supermarkt echter heel anders. De moderne witlofrassen, die vaak op water (hydrocultuur) worden geteeld, zijn veel milder van smaak. De intense bitterheid is eruit veredeld, waardoor het binnenste deel vaak eerder zoet en nootachtig smaakt dan onaangenaam bitter. Bovendien zorgt het hart voor een stevige bite, wat vooral lekker is als je de witlof rauw verwerkt in een salade. Bij het stoven of koken zorgt de kern ervoor dat de struikjes beter hun vorm behouden en niet te snel uit elkaar vallen.
Mocht je toch erg gevoelig zijn voor bittere smaken, proef dan eerst een stukje van de rauwe kern voordat je gaat koken. Vind je het toch te overheersend? Dan kun je alsnog besluiten om aan de onderkant een klein kegeltje weg te snijden. Maar in de meeste culinaire toepassingen is het mee-eten van het hart gewoon lekker en zorgt het voor extra textuur en minder voedselverspilling.