Waar bewaar je honing?
Honing is een fantastisch natuurproduct dat eigenlijk nooit echt bederft, mits je het op de juiste manier bewaart. De beste plek om een pot honing neer te zetten, is in een donker keukenkastje op kamertemperatuur. Ideaal is een constante temperatuur tussen de 15 en 25 graden Celsius.
Het is belangrijk om honing uit direct zonlicht te houden. Te veel licht en warmte kunnen de smaak, kleur en de gezonde enzymen in de honing langzaam afbreken. Zorg er ook voor dat de deksel altijd goed op de pot of knijpfles zit. Honing trekt namelijk vocht uit de omgeving aan. Als er te veel vocht bij komt, kan het gaan gisten en dat beïnvloedt de smaak en structuur negatief.
Waarom honing niet in de koelkast hoort
Een veelgemaakte fout is het bewaren van honing in de koelkast. Zodra de temperatuur onder de 15 graden zakt, versnelt het kristallisatieproces. De honing wordt dan hard, korrelig en lastig uit de pot te scheppen. Hoewel gekristalliseerde honing nog steeds veilig is om te eten, is de vloeibare vorm voor de meeste toepassingen toch een stuk handiger.
Wat te doen als honing toch kristalliseert?
Mocht je honing na verloop van tijd toch wat versuikeren en hard worden, gooi deze dan absoluut niet weg. Je kunt dit proces heel eenvoudig omdraaien. Zet de goed afgesloten pot in een kom met warm water (au bain-marie). Let op dat het water niet kookt; een temperatuur van ongeveer 40 graden is perfect. Door de zachte warmte smelten de suikerkristallen vanzelf weg en wordt de honing weer heerlijk vloeibaar, zonder dat de kwaliteit of de smaak verloren gaat.
Gebruik voor het uitscheppen ook altijd een schone, droge lepel. Kruimels of vocht van een vieze lepel kunnen schimmels veroorzaken, en dat is natuurlijk het laatste wat je wilt voor zo'n mooi product.